Was gedaan, maar nog niet opgeruimd. (Vr)Eetbuien komen al eerder dan verwacht. Ik blijf scrollen door de foto’s en video’s. Zwart gat? Nog niet echt. Klaar voor reflectie ben ik niet helemaal, maar ik wil de ervaring van de ICONXTRI nu wel al zo goed mogelijk vastleggen. Om te delen, maar ook om nieuwe plannen te gaan maken. De ervaring van de ene race is de inspiratie voor de volgende

Hieronder daarom een verslag in drie delen van, voor zover ik kan beoordelen, de mooiste triathlon die er bestaat.

Deel 1: de formele evaluatie

Evalueren doe je, zeker in de sector waarop ik werk, uiteraard op eerder vastgestelde doelen. In opleidingen en in beleid hoor je die doelen dan SMART te formuleren. Dat wil zeggen dat het doel Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden moet zijn. Inderdaad, in schoolboekjes-reflectiejargon dus. Ik doe een poging.

Mijn broer vroeg nog vooraf: “Waarom doe je dit eigenlijk?”
Mijn antwoord:”Om te weten of ik het kan.”
Niet echt heel SMART, maar wel waar.

Korte evaluatie: ik kan het niet.
Ik ben niet gefinisht, want ik was te laat om het laatste stuk naar te top op te mogen. Ik was te langzaam.

SMARTER zijn de doelen in het wedstrijdplan. Hoewel ik het heel moeilijk inschatten vond, heb ik met mijn historische data wel een onderbouwde poging gedaan om te zien waar ik zou zijn op welk moment. Dat is behoorlijk specifiek, zeer meetbaar, redelijk acceptabel, mogelijk realistisch. Ik neem de beoogde duur van elk onderdeel en de tijdstippen waarop ik in de wissels dacht te zijn.

PlanningWerkelijk
Duur zwemmen1:101:12:07 (2 min later gestart)
Tijdstip wissel 16:106:14
Duur fietsen10:3111:07:05
Tijdstip wissel 216:4117:21:30
Duur lopen tot T3 (29,5 km)3:003:59:35
Tijdstip T319:4121:30:11
Raceplan en werkelijkheid

Op basis hiervan zou je kunnen zeggen dat ik het bijna kan, maar niet snel genoeg ben. Ik loop in ieder geval vanaf het begin achter mijn eigen ‘doelen’ aan. Eerst 2 minuten langzamer zwemmen (ik verloor mijn lichtboei na een hoop geklooi en vond het op de terugweg lastig oriënteren), dan 40 minuten langzamer fietsen (iets te lange pauzes denk ik en te langzaam afdalen) en vervolgens een uur langzamer lopen (?!) Totaal lag ik 1 uur en 50 minuten achter op schema en was ik 30 minuten te laat om naar de finish op de top te mogen. De marge van 1 uur en 20 minuten was niet genoeg. Hoe kan dat nou?
Deze ‘harde’ data zeggen daar niet veel over. Misschien kunnen de vermogensdata wat verklaren.
Via wat algoritmen had ik mijn optimale vermogens uitgerekend, gegeven de belasting die ik dacht aan te kunnen. Voor zwemmen nam ik de tijd per 100m. Die gegevens vergelijk ik met de gemiddelden die ik achteraf in Trainingpeaks kan zien.

Zwemmen2:00/100m2:14/100m
Fietsen160W187W
Lopen237W159W
Geplande vermogens vs. werkelijkheid

Zwemmen iets te langzaam, zoals je ook in de tijden kon zien. Maar dat is eigenlijk te verwaarlozen, omdat snelheid in open water nog niet echt nauwkeurig gemeten kan worden (gps-ontvangst onder water is beperkt en het precieze moment van aan en uitzetten maakt relatief veel uit). 2:24/100 m in Trainingpeaks kan ook niet kloppen, want dan zou ik er 40*14 sec = ruim negen minuten langer over hebben moeten doen.
Fietsen: te hard. Klinkt paradoxaal, want ik heb er langer over gedaan. Toch is het logisch, want ik heb bij de planning de pauzes niet meegerekend. Die pauzes (totaal ongeveer 30 min, evenveel als ik te kort kwam om naar de top te mogen!) heb ik dus enigszins goed gemaakt door een paar Watt harder te trappen, maar niet genoeg.

Gemiddelden op het fietsonderdeel uit Trainingpeaks

Lopen: veel te rustig. 100 Watt onder de planning is echt veel. Waar tijdens het lopen ging dat mis?
De gemiddelden en harde data zeggen daar niet veel over. Je kunt pieken en dalen zien, maar een echte oorzaak niet. Ik kom erop terug in deel 3.

Deel 2 Impressionistisch narratief

De ICONXTRI heeft een onuitwisbare indruk op me achter gelaten. Dat voorzag ik vooraf al (zie mijn voorbeschouwing). Die indrukken, bijna letterlijk, zijn voor mij eigenlijk het belangrijkst.
Net zoals bij mijn eerste hele in Almere en mijn vorige DNF in Embrun brei ik die indrukken voor tijdens en na de race aan elkaar ter inkleuring van de data uit deel 1 van dit verslag. (Tekst begint na de fotogalerij).

30-8 9.30, Rätschen Bahn nach Zernez
Indrukken. Echt het drukt in je. De spanning, de hoogte, de bergen, de uitzichten, het angstaanjagende.

Ontspanning, zenuwen, hyper en zen tegelijk. Holistisch misschien. Ik raak in de zone.
Ook doordat plan c nodig was, maar het draaiboek niet aangepast hoefde te worden.

De reis en aanstaande race inspireren enorm, maar van schrijven komt door het genieten niet veel.

Op de fiets van Zernez naar Livigno
Nerveuziteit als voor een examen waarvoor je niet kan zakken. Je zwemdiploma; je promotie: iedereen kijkt naar je, je hebt jezelf wel een soort van norm opgelegd, maar zakken kan je niet.

31-8, In het appartement, nog twee dagen.
Ontspannen in Livigno. We doen ons eigen ding. De sfeer is chill zoals de leider van meditatie zei

Strak staan en ontspannen zijn de woorden, concentratie en lachen zie je in de beelden

2-9, ICONDAY
Kniediep in het water, ik laat mijn water lopen en spreid mijn armen als omhelzing van de bergen.

Geluiden. Geluiden vallen me op.
De beat uit de speaker
De krassende stem door de microfoon.

Ruis en ritme van de crawl van de andere zwemmers, die soms ineens helderder wordt als je je oren klaart.

De vogels, of is het een piep in mijn fiets.

De mist waarachter vandaan de bergtop tevoorschijn komt

Het water dat van de berg in de putten langs de weg stort.

De stilte

En dan weer het lawaai van motoren door de bergen.

Hé is dat Annemiek van Vleuten? Ja!

“Fiets je een stukje mee?”
Ja!
“Ik hoorde er al van en was al aan kijken of ik Nederlanders kon aanmoedigen.”

Annemiek van Vleuten op Strava

Annemiek van Vleuten! Mijn dag is nog mooier geworden.
Zijn dat nu tranen van de wind?

Mijn hijgen en loopritme.

Het grind

Ha, mijn broer. Is dat ook mijn vader met de hond?

Ik hoor mijn kinderen.

De boomstronken

Waar is de drankpost?

Lekker thee. En meer meenemen.

Oef, dat drankje kwam hard aan, net als de steiging hier.

Nu al wandelen?

Haal ik het dan nog?

Ha, mijn broer. Met stokken, nu al?
Om met iets anders bezig te zijn. Werkt wel.

Lekker tempo weer.

Even wandelen.

Zal ik mijn licht al aan doen?

Hoe laat werd het donker? Zou ik nog voor of na 21. uur zitten?

Hoe lang gaat het nog omhoog? Dat was pas na T3 toch?

Als ik door mag ga ik omhoog, anders weet ik niet of ik door ga.

Ben ik fout gelopen. Een kabelbaan?

Heeft mijn broer wel of niet mijn telefoon meegegeven?

Ja. Toch even route checken.

Gewoon maar door gaan.
Fijn, een andere deelnemer.

Hé, mijn broer weer.

Ik kan echt niet nog een uur over asfalt sjokken.

Ik stop.
Heerlijk

Wat was het ICONISCH.

Deel 3 over mijn bananen van 2023

En wat kan ik nu van de harde evaluatie en diepe indrukken leren? Wat zegt dit nu allemaal en wat kan ik ermee, voor mezelf en de Bananenwinkel?
Ik zal proberen op te schrijven hoe deze diepere analyses dan werken bij mij,want dat zijn het. Eerlijk gezegd is het iets wat vanzelf en intuïtief gaat. Als ik het een naam moet geven is het een meta-reflectie: reflectie op analyses en reflectie. (Het dichtst komt het bij de First Person Method van Wolff-Michael Roth, voor de liefhebbers van onderzoeksmethodieken.) De inhoud is het verhaal van mijn gele en groene bananen van 2023 en tevens de aanzet van het boek dat ik wil gaan schrijven (zie de synopsis).
Allora.
Mijn laatste twee groene bananen eindigden in did not finish. Opvallend, maar logisch. Waarom ik het doe is namelijk te weten komen of ik het kan. Het antwoord op de vraag kan nee zijn, anders is het helemaal geen echte vraag. Twee keer nee, is dat een patroon of toeval? Allebei een beetje. Wat ik wel weet is dat ik één piepklein foutje ietsiepietsie twee keer kan hebben gemaakt. De laatste klim onderschat ik dus altijd (=2 keer). Ik hield me tijdens de Stelvio voor dat ik dat er nog een helling kwam. Ik had zelfs een mantra tijdens de laatste klim: sparen, sparen, sparen. Toch duurde dat een stuk langer dan ik dacht. En verdampte mijn voorsprong op mijn eigen schema, ook door de lange en heerlijke pauze op de Stelvio.

Het moet wel lekker blijven op de Stelvio

Maar goed, op zoek naar de verklaring van 1:20 achterlopen op schema en 30 minuten te laat bij T3. Het moet ergens tussen Stelvio en het keerpunt van het loopparcours zijn geweest. Toch kan het niet de overgang en de laatste klim geweest zijn. Althans niet op dezelfde manier als in Embrun toen ik enorme kramp kreeg. Er is wel een aanzet tot kramp geweest, maar die heeft niet doorgezet. Tijdens de wissel bij het lopen was ik ook nog vol goede moed. De afdaling ging ook wel lekker, hoewel het iets langzamer ging dan ik dacht dat ik zou gaan. Ook toen ik mijn broer en mijn vader tegenkwam, nog voor het eerste verzorgingspunt kon ik nog lachen (agge mar leut et! roepen).

Agge mar leut et

In de data zie je dat dat gevoel klopt met mijn geleverde wattage. Het eerste moment in de data dat opvalt ligt bij de eerste klim op het loopparcours. Daar wandelde ik. Dat viel tegen, ook dat weet ik nog. Ook dat de deelnemers voor mij van me weg liepen. Het was op dat stuk dat ik echt begon te rekenen, maar dat het niet lukte. Dat ik ook het besef van tijd kwijt begon te raken en niet meer op mijn horloge wilde kijken.

Het begin van de inzinking

Bij de tweede verzorgingspost smaakte de thee al minder en nam ik ook een shotje energydrank, die ik niet kende. Die kwam aan. Ik vond dat lekker, het pepte me op. Vlak daarna kwam me broer op me af lopen met de wandelstokken. Vanaf dat moment houd ik weer beter het tempo vast. Terug bij diezelfde post, waar mijn broer me weer verliet, weer een shotje en begon ik te merken dat ik niet veel water meer kon drinken. Mentaal gaat het vanaf daar bergafwaarts, maar geografisch vooral bergopwaarts. Bij elkaar een neerwaartse spiraal. Ik dribbel heel af en toe wat, maar wandel vooral. Het wordt donker, raak de weg (bijna letterlijk, maar vooral figuurlijk) kwijt. Duidelijke signalen dat het op is. Mijn conclusie was toen al getrokken: alleen als ik omhoog mag ga ik door (en ik hoopte vooral dat mijn broer niet op me in zou praten als het anders was). Aldus doende en dus 30 min te laat. De keuze was duidelijk. Ik kon juichen en de vrijwilligers juichten met me mee. Dat is de ICONXTRI, zoals ze zelf zeggen: je bent een winnaar zodra je je voor de wedstrijd inschrijft. En zo was het. Zo voelt het. QED.

En toch, wat is de verklaring dat ik zo inzak? Waren het die shotjes? Toch te weinig op lopen getraind, toch te hard gefietst? De hoogte? Kijk, duursporten is niet te reduceren tot een optelsom van heel veel details. Het is de samenhang, het geheel. Je zou het bij uitstek een holistische sport kunnen noemen. Ik liet me wellicht wat meeslepen in mijn euforie na de ontmoeting met Annemiek aan het einde van het fietsonderdeel. Vervolgens iets te ontspannen rustig doorgelopen. Daarna mijn maag een opdondertje gegeven toen het toch al mentaal zwaar werd. De schemer en het stijgen deden de rest.
Is dit te trainen? Ik denk alleen door deze wedstrijden te doen. Ik denk dus dat ik het nu wel kan. Toch ga ik mijn jaarprogramma voor komend seizoen wel anders indelen. Ik hoop mijn basissnelheid echt te gaan verhogen, hoe moeilijk dat ook is. Als ik zonder nadenken net wat harder loop en fiets, telt dat lekker op. Het basisduurvermogen zit al goed, maar onderhoud ik dan met mooie duurevenementen in de winter. Denk ik nu. Ik wijd er binnenkort wel een webinar aan.

Misschien wil je meer lezen zoals dit:

20 uur?

Nog even over de voorbeschouwing, ergens zat dat niet lekker, dat ik dit seizoen minder getraind zou hebben. Ik ben er dus nog eens ingedoken

Lees verder »

Contact

Direct contact kan natuurlijk ook. Via sms of door te bellen. Ik heb ook Signal, geen Whatsapp.